Gekruide Cajunjambalaya
(2 personen)
175 gr rijst (geen snelkookrijst)
3 dl kippe- of visbouillon (of 1/2 bouillonblokje, opgelost in 3 dl
water)
een snufje saffraanpoeder
een scheutje witte wijn
zout
olijfolie
1 ui
2-3 teentjes knoflook
1 rode peper
1 rode paprika
1 dubbele kipfilet (250-300 gr)
50 gr ontvelde ongezouten pinda's
1 klein bosje verse koriander
2 eetlepels cajunkruiden
85 gr diepvrieserwtjes
± 150 gr roze garnalen (of rivierkreeftjes)
1 grote tomaat
Doe de rijst in een pan, voeg er de bouillon, een scheut witte wijn, een
snufje zout en de saffraan aan toe en breng het geheel aan de kook.
Laat de rijst, goed afgedekt, op laag vuur in ± 15 minuten zachtjes
doorg koken.
Verhit op matig vuur de olijfolie in een hapjespan of wadjang.
Snipper de ui, doe die met de geperste knoflook in de pan en laat 2
minuten zachtjes fruiten.
Snijd de paprika klein en doe hem in de pan.
Verwijder de pitjes uit het pepertje, hak het klein, doe het ook in de pan
en zet het vuur hoger.
Snijd de kip in stukjes en voeg ze aan het gerecht toe.
Roer af en toe door.
Doe de pinda's met de koriander en de cajunkruiden in een foodprocessor en
hak ze zeer fijn.
Voeg het pindamengsel, de garnalen en de erwtjes toe en verhit 3-4 minuten
op hoog vuur, maar laat niet aanbakken.
Snijd de tomaat in stukken.
Schep de rijst in de hapjespan en doe er de stukken tomaat bij.
Verhit nog een minuutje en voeg eventueel nog wat cajunkruiden toe.