Kip met champignons en kaas

1 in vier stukken verdeelde kip van ± 1250 gr
5 dl water
zout, peper
25 gr boter
25 gr bloem
1 theelepel kerrie
1 dl koffieroom
250 gr in plakjes gesneden champignons
100 gr geraspte jongbelegen kaas
3 eieren
4 eetlepels paneermeel

Breng de stukken kip met het water en wat zout en peper in een pan aan de
kook. Draai de hittebron laag en laat de stukken kip ± 45 minuten
zachtjes koken tot ze gaar zijn.
Neem de stukken kip uit de pan, laat ze uitlekken en leg ze in een
beboterde ovenvaste schaal. Meet 11/2 dl van het kookvocht af.
Smelt de boter in een pan en roer er de bloem en de kerrie door. Voeg
onder voortdurend roeren beetje bij beetje de 11/2 dl kookvocht van de kip
en de koffieroom toe tot een gebonden saus is ontstaan. Draai de hittebron
laag en laat de saus 3 minuten zachtjes koken. Maak de saus op smaak met
wat zout en peper. Schenk de saus over de stukken kip in de schaal. Leg de
plakjes champignon op de saus en bestrooi het geheel met de geraspte
kaas.
Klop de eieren met wat zout en peper los in een kommetje. Schenk de
losgeklopte eieren in de schaal en bestrooi ze met het paneermeel.
Bak het gerecht ± 25 minuten in een op 175°C voorverwarmde oven
tot alles door en door warm is en er een mooi bruin korstje is ontstaan.