Roti á la Alma

(10 stuks)

250 gr aardappelen (afkokers) in blokjes
zout
1/2 theelepel komijnzaad
1 gepeld teentje knoflook
1/4 fijngesneden verse Madame Jeanettepeper
65 gr gesmolten boter
500 gr zelfrijzend bakmeel
2 eetlepels + 3/4 dl olie
een rotipan of koekenpan van 16 cm doorsnee

Kook de aardappelen in water met zout in ± 20 minuten gaar. Giet ze
af en stamp ze met een stamper fijn.
Bak in een droge koekenpan de komijn omscheppend ± 1 minuut.
Wrijf of maal de komijn, knoflook en peper in een vijzel of keukenmachine
fijn.
Roer het kruidenmengsel en 1 theelepel boter door de warme
aardappelpuree.
Zeef het meel boven een kom. Roer in delen 41/2 dl water door het
meel.
Roer er 4 eetlepels olie door en kneed het tot een zacht en soepel
deeg.
Laat het deeg in plasticfolie bij kamertemperatuur ± 30 minuten
rusten.
Vorm van het beslag ± 10 bolletjes. Rol de balletjes tot een cirkel
uit en vorm die weer tot een bal. Druk elk balletje in de handpalm plat en
schep er 1 eetlepel aardappelpuree op.
Knijp de deegranden naar elkaar toe en leg de balletjes met de
dichtgeknepen kant naar onder op
een met bloem bestoven werkvlak.
Vermeng de rest van de gesmolten boter met 3/4 dl olie.
Verhit de rotipan.
Rol elk balletje tot een ronde lap van ± 16 cm doorsnee uit en bestrijk ze
met het boter-oliemengsel.
Bak ze met de ingevette kant naar onder tot er blaasjes op de roti
ontstaan.
Vet de bovenkant van de roti in, keer de roti om en bak de onderkant
lichtbruin.
De roti is gaar als deze bol staat.