Geroosterde krabbetjes uit het vuistje

500 gr varkenskrabbetjes
1 1/2 eetlepel honing
1 1/2 eetlepel droge sherry
1 eetlepel ketjap
1 eetlepel donkerbruine basterdsuiker
peper
6 eetlepels maï- of zonnebloemolie

Voor de us:
1 rode peper
4 stukjes verse gemberwortel (2 1/2 cm) of 8 olletjes gember i sirop
1/2 theelepel peper
3 eetlepels suiker
2 eetlepels maïena
3 eetlepels ketjap manis
2 eetlepels azijn of citroensap
zout
1 spunt suiker
2 theelepels tomatenketchup

Was het vlees en dep het met keukenpapier goed droog.
Leg de krabbetjes zo plat mogelijk op een werkvlak.
Roer de honing, de sherry, de ketjap, de suiker en wat peper met een
beetje water tot een dik papje en bBestrijk de bovenzijde van de
krabbetjes hiermee.
Leg de krabbetjes met de bestreken kant naar beneden naast elkaar in een
schaal en bestrijk ook de bovenkant met het sausje.
Leg een deksel op de schaal en zet deze 2 uur op een koele plaats (niet in
de koelkast).
Bereid de barbecue voor of verwarm de grill op de hoogste stand.
Bestrijk de krabbetjes met olie leg ze op de barbecue of zet de schaal
onder de grill; keer de krabbetjes zo nu en dan en bestrijk ze nogmaals
met olie tot ze mooi bruin van kleur en gaar zijn.
Eet ze warm, gedipt in de gembersaus.
Was voor de saus de rode peper, snijd hem overlangs door en daarna
fijn.
Schil de verse gemberwortel dun en snijd hem fijn of snijd de
gemberbolletjes in dunne reepjes.
Doe de peper en de gember in een pan.
Laat de kristalsuiker in een vrij diepe pan, onder geregeld schudden,
lichtkastanjekleurig worden.
Houd het deksel schuin op de pan en giet er ± 1/4 liter warm water
bij (de stoom moet aan de achterkant kunnen ontsnappen).
Voeg de peper en de gember toe, met de ketchup, de ketjap en de azijn of
het citroensap en laat het geheel zachtjes koken tot de peper en de gember
zacht zijn.
Leng de maïzena aan met wat water en bind het sausje.
Voeg naar smaak peper en zout toe.
Is de saus te scherp, doe er dan nog een beetje suiker bij.