Wontons uit Kanton

(12 stuks)

Voor de wontons:
180 gr bloem
mespunt zout
3 eetlepels plantaardige olie
heet water

Voor de vulling:
100 gr zeer mager varkens- of kipgehakt
4 waterkastanjes, gehakt (uit blik of pot)
3 lente-uitjes, schoongemaakt en zeef fijn gehakt
1/2 theelepel vijfkruidenpoeder
1 eetlepel zoete ketjap
mespunt suiker (naar keuze)
1 dessertlepel sesamolie
Olie om te bakken

Zeef de bloem en het zout in een beslagkom, maak in het midden een kuiltje
en giet er de olie en 1/2 dl heet water in. Kneed tot een soepel deeg
ontstaat en voeg alleen als het nodig is nog extra water toe. Pak het deeg
in plastic en laat het op een warme plaats 30 minuten
rusten.
Verdeel het deeg dan in 12 gelijke stukjes, maak er balletjes van en rol ze
uit tot cirkels van 15 cm doorsnee. Leg ze naast elkaar en dek ze af met een
vochtige doek om uitdrogen tegen te gaan.
Vermeng alle ingrediënten voor de vulling. Schep op elk deegplakje een
gelijke hoeveelheid en vouw de plakjes dubbel. Druk de randen op elkaar,
vouw ze een heel klein stukje om en druk de vouwen stevig vast.
Verhit wat olie in een koekenpan en bak de pakjes aan één kant
mooi bruin. Neem ze uit de pan en leg ze even op papier om uit te
lekken.
Leg ze in een stoommandje (gebakken kant naar onderen) en stoom ze boven een
pan kokend water 10-12 minuten tot de bovenkanten zacht zijn en de vulling
gaar is.
Heeft u geen stoommand, dan kunt u een vergiet gebruiken waarop u een
passend deksel legt.
Serveer de wontons heet.

Belangrijk: Het bakken moet in een platte pan gebeuren. Gebruik geen
wok.

 

 

Back to top