Garnalen in Kantonese saus
(2-3 personen)
3 eetlepels olie
2 knoflooktenen uit de knijper
500 gr garnalen, gekookt en gepeld
5 cm gemberwortel, geschild en gehakt
100 gr rauwe bacon (bakbacon), gehakt
2-3 lente-uitjes, schoongemaakt en in stukjes gesneden
2 losgeklopte eieren
Voor de saus:
1 eetlepel rijstwijn of droge sherry
1 eetlepel lichte sojasaus
1 theelepel suiker
2 dl kippenbouillon of water
1 eetlepel maïzena, in wat water opgelost
Verhit 1 eetlepel olie in de wok en voeg de knoflook toe. Laat het even
glazig worden. Doe er dan de garnalen bij en bak ze op niet te hoog vuur 1-2
minuten. Neem ze met een schuimspaan uit de wok en houd ze apart.
Doe de resterende olie in de pan en bak de gember en de stukjes bacon even
aan.
Vermeng de ingrediënten voor de saus, schenk die erover en laat de saus
licht binden.
Breng op smaak met zout en peper en strooi de fijngehakte lente-uitjes
erover.
Laat met een dun straaltje de losgeklopte eieren erin lopen, roer niet
maar wacht tot ze stollen.
Strooi er dan de garnalen over, schep voorzichtig om en warm alles even
door.
Serveer het gerecht op verwarmde bordjes.