Bonenpotje uit Macedonië

(2 personen)

Dit gerecht komt uit de huidige Republiek Macedonië, ooit het hart
van het Rijk van Alexander de Grote en toen al smeltkroes van vele
bevolkingsgroepen.
Het is een nationaal Macedonisch gerecht, zoals men dat maakt in Tetovo,
een stad die ligt in een streek waar de grote witte bonen (gravce) groeien
voor dit potje (tavce). Je kunt zo'n aardenwerken pot op iedere markt
kopen en er is zelfs een popgroep met de naam Tavce Gravce.
Volgens voedingsdeskundige Matic stamt het gerecht uit de Ottomaanse tijd:
toen at men uit armoede vegetarisch. Een met bruine bloem gebonden
uiensaus (zaprlika) zorgde voor meer smaak. Dat hoeft niet echt meer, maar
zo goed als wij onze stamppot niet vergeten, zo goed houdt men daar van
dit onopgesmukte 'troost-eten'. Tegenwoordig wordt het gemaakt met een
gebakken visje of een worst, maar ook gewoon vleesloos, zoals het
eigenlijk hoort.

1 Pot witte bonen, uitlekgewicht ± 500 gr
1 eetlepel olie
200 gr fijngesnipperde uien
1 eetlepel bruingeroosterde bloem
1-2 gesnipperde tenen knoflook
2 eetlepels fijngesneden munt
2 theelepels paprikapoeder
1/2 kleingesneden rood pepertje
peper, zout
2 ontvelde rode paprika's
1 eetlepel olie
muntblaadjes

Laat de verwarmde bonen goed uitlekken en vang het kookvocht op.
Smoor de uien onder een deksel op een klein pitje en laat in een open pan
licht bruinen.
Roer de bloem erdoor en voeg zoveel stoofvocht toe dat een dikke saus
ontstaat.
Haal de pan van het vuur en doe de knoflook, het paprikapoeder, het
pepertje en de munt erbij.
Schep dit alles door de bonen en bring op smaak met peper en flink
zout.
Breng de massa over in een laag ovenvast potje en beleg stervormig met de
repen paprika.
Schenk de olie erover en bak het gerecht 45 minuten bij 175°C.
Garneer met het groen.
Geef er rode landwijn bij.

Janny de Moor