Bosnische kip met tarwe
(2 personen)
Dit is een exotisch gerecht. Het is namelijk van oorsprong Perzisch
(halim) en zou zijn uitgevonden door koning Chosroës I (6de eeuw), de
grootste der Sassaniden. Daar bestond het uit gerst en lams- of
kalkoenvlees. Na de Arabische verovering van Bagdad is het als harisa
(harasa is Arabisch voor fijnstampen) overgenomen door de Kaliefen, die
het verbreidden tot in middeleeuws Spanje toe. De Ottomaanse Sultans, die
hen opvolgden voerden het met hun keuken onder de Turkse naam keskek mee
naar de Balkan. Maar ook de Golfstaten, Oman, Irak, Syrië, Libanon en
Armenië kennen het.
Overal wordt het verbonden met religieuze festiviteiten. In Herzegovina
was het vroeger een bruiloftsgerecht, dat is het nog steeds in Turkije. In
Syrië en Libanon hoort het voor christenen bij Hemelvaartsdag, maar
bij Armeniërs is keshkeg vooral een paasgerecht. Opvallend is dat
daar hetzelfde botermengsel wordt gebruikt als in Herzegovina en is ook na
een uur koken moeilijk tot de puree te krijgen, die de grote Soefi
filosoof Rumi - van de orde der dansende derwisjen - ertoe bracht de
liefde tot het goddelijke ermee te vergelijken: er zò verrukt van
worden dat je geen verschil meer ziet.
2 kippenbouten
flink zout
120 gr grove bulgur
20 gr gesmolten boter
2 theelepels scherp paprikapoeder
tabascosaus
Kook de kip in 1/2 liter water met zout in ± een uur gaar.
week de bulgur een kwartier in lauw water en laat uitlekken.
Leg de bulgur halverwege de kooktijd bij de kip.
Giet de bouillon af en bewaar hem.
Neem het vlees van het been.
Pureer het vlees en de bulgur met een staafmixer; gebruik zo nodig nog
wat
bouillon.
Strijk het mengsel in een warme schaal uit en versier bovenop met de
paprikaboter (en een randje peterselie).
Geer er een gemengde salade bij.
Janny de Moor