Gehaktballetjes uit Sri Lanka
Vòòr het frituren worden deze balletjes door losgeklopt ei
en broodkruim gewenteld. Dit broodkruim kunt u zelf maken (van gedroogd en
gemalen witbrood, het is grover dan paneermeel), maar het is ook, in
zakjes, te koop bij de Oosterse afdeling in de supermarkt.
500 gr rundergehakt
1 ui
2 teentjes knoflook
stukje gemberwortel (4 cm)
2 rode pepers
1 eetlepel boter
100 gr afgekoelde gekookte witte rijst
4 eetlepels korianderblaadjes
1/2 theelepel kaneel
1/2 theelepel gemalen kruidnagel
1 theelepel zout
1 theelepel versgemalen peper
3 eieren
150 gr broodkruim
olie om te frituren
Snijd de ui zo klein mogelijk en pers de knoflook uit.
Schil de gemberwortel en rasp hem fijn.
Hak de rode pepers zo klein mogelijk.
Verhit de boter in een wok, zet het vuur laag en fruit de ui, de knoflook,
de gember en de rode pepers hierin zachtjes ± 3 minuten.
Zet de wok van het vuur en laat alles ± 10 minuten afkoelen.
Schep de inhoud van de wok in een kom en voeg het gehakt, de witte rijst,
de kleingesneden korianderblaadjes, de kaneel, de gemalen kruidnagel, het
zout, de peper en één ei toe.
Kneed alles goed door elkaar en zet de kom afgedekt ± 1 uur in de
koelkast.
Haal de kom uit de koelkast en maak er ongeveer 24 balletjes van, iets
kleiner dan een pingpongbal.
Klop de overgebleven 2 eieren los in een diep bord en leg het broodkruim
in een ander bord.
Wentel de balletjes door het ei en rol ze daarna door het broodkruim.
Zet de balletjes even apart.
Verhit de olie in een frituurpan tot ± 175°C.
Bak 8 balletjes per keer in ± 6 minuten bruin en gaar en laat ze op
keukenpapier uitlekken.
Serveer de balletjes met gekookt rijst en roergebakken gemengde
groenten.
Geef er een sausje bij van sambal en een paar eetlepels tomatenketchup.
Sonja van der Rhoer