Palingbeignets
(Hoofdgerecht, 2-3 personen)
Paling of aal behoorde in ons land eeuwenlang tot één van de
meest gegeten zoetwatervissoorten. Daaraan is in de vorige eeuw een einde
gekomen, doordat de vangsten in het IJsselmeer terugliepen en ook elders
in ons land, mede door de vervuiling van het oppervlaktewater, veel minder
paling dan voorheen werd gevangen.
Ook de belangstelling bij het publiek om thuis paling te eten liep in de
tweede helft van de vorige eeuw sterk terug.
De komst van paling uit kwekerijen (Ierland) en dergelijke heeft dat niet
kunnen voorkomen.
250-300 gr schoongemaakte duimdikke paling
zout
125 gr gezeefde bloem
± 2 dl Pilsner bier
1 stijf geslagen eiwit
(zonnebloem)olie voor het frituren
1 eetlepel fijngesneden bieslook
1 kleine, schoongeboende citroen of limoen in partjes
Snijd de paling in mootjes van ± 4 cm.
Spoel de mootjes onder stromend koud water en maak ze daarna met
keukenpapier droog.
Bestrooi de mootjes met wat zout en laat ze tenminste 5 minuten staan.
Maak intussen een beslag door in een kom de gezeefde bloem te vermengen
met 11/2 dl bier.
Het beslag moet zo dik als dat voor pannenkoeken zijn. Voeg extra bier toe
als het beslag wat al te dik is uitgevallen.
Voeg een mespunt zout toe en spatel het eiwit er zo luchtig mogelijk
door.
Verhit de olie tot ± 175°C.
Haal de palingmootjes met een lange (fondue)vork door het beslag, laat ze
voorzichtig in de hete olie glijden en bak ze rondom goudbruin en
gaar.
Laat ze even op keukenpapier uitlekken.
Bak nooit te veel mootjes tegelijk, omdat de temperatuur van de olie
daardoor te veel zal dalen, waardoor het resultaat van het bakken u zal
tegenvallen.
Presentatie:
Schik de mootjes op voorverwarmde borden, strooi er bieslook over en schik
er limoen- of citroenpartjes bij.
Geef er een gemengde groene salade met tomaten en zelf afgebakken
stokbrood bij.