Walliser asperges

(2 personen)

Wallis, de grootste aspergestreek van Zwitserland, kent veel vleesloze
schotels. Dat dateert uit de tijd dat de boeren vooral op melk en kaas
leefden en is niet beïnvloed door gezondheidsprofeet Bircher Benner.
De
doorsnee-Zwitser moest niets van hem hebben, wat blijkt uit de
geschiedenis van het oudste vegetarische restaurant van Europa in
Zürich: een eeuw geleden slopen de gasten stiekem via de achterdeur
naar binnen, nu 1200 'grasvreters' per dag via de voorzijde.

500 gr witte asperges
1 theelepel suiker
500 gr pomodori
1 eetlepel boter
1 dessertlepel marmite
2 theelepels aardappelmeel
25 gr boter
30 gr bloem
11/2 dl aspergenat
1/2 dl room
cayennepeper, zout
cognac
50 gr geraspte Gomser of Gouda
verse kervel

Schil de asperges vanaf de kop met een dunschiller en kook ze 10 minuten
in kokend water met de suiker.
Leg ze, verpakt in een theedoek en onder aluminiumfolie op een rek.
Overgiet de tomaten met kokend water, pel ze, neem de pitten weg, snijd ze
in stukjes en smoor ze kort in wat boter met de marmite.
Bind het vocht met het aangemaakte aardappelmeel.
Smelt de boter in een kleine pan en meng de bloem erdoor.
Schenk er al roerend het aspergenat bij en zoveel room dat een gladde
dikke saus ontstaat.
Maak de saus af met cayenne, zout en een scheutje cognac.
Leg de tomaten in een ovenschotel, leg de asperges erop en bedek met de
saus.
Strooi de kaas erover en zet de schaal onder een gloeiende grill tot de
bovenkant lichtbruin is.
Versier met de kervel.