Erwtensoep II

1 hamschijf van ± 500 gr of 3 schouderkarbonades
150 gr zuurkoolspek
1 grove rookworst
400 gr spliterwten
1 selderijknol
500 gr prei
1 winterwortel
1 bosje selderij
2 aardappelen
zout, peper
1-2 bouillontabletten
roggebrood

Was de erwten en zet ze op met 3 1/2 dl koud water en de
hamschijf.
Laat ze koken en schuim zo nodig af.
Voeg het zuurkoolspek toe en kook alles in ± 2 uur
zachtjes gaar.
Voeg de in stukjes gesneden prei, wortel en knolselderij en
het gehakte
selderijgroen toe.
Leg er de worst bij en voeg de geraspte rauwe aardappelen
toe.
Voeg 5 dl (of meer) water en de bouillontablet(ten) toe.
Laat nog 30 minuten zachtjes doorkoken.
Breng de soep op smaak met zout en peper.
Neem de hamschijf, de worst en het zuurkoolspek uit de
soep.
Snijd de worst in plakjes en de hamschijf in stukjes en voeg
dit weer aan
de soep toe.
Snijd het spek in dunne plakjes, leg die op het roggebrood en
geef dit,
met mosterd, bij de soep.

N.B.: het selderijgroen dat aan de knol zit, is niet eetbaar.