Baklava III (stroopgebak)

(12 personen)

500 gr ongezouten pistachenootjes
150 gr griessuiker
6 cl rozenwater (apotheek)
100 gr boter
250-300 gr kadaif (fijne noedels, te koop in Turkse winkels)
500 gr gewone kristalsuiker
bakpapier

Verwarm de oven voor op 150°C.
Hak de pistachenootjes grof en meng er degiessuiker en het rozenwater
door.
'Bak' dit mengsel 10-15 minuten in een pan met anti-kleeflaag en roer af
en toe om.
Houd het mengsel goed warm.
Beleg een metalen ovenschaal met bakpapier en zorg ervoor dat dit aan de
randen overlapt.
Smelt de boter en giet de helft over het bakpapier uit.
Haal de fijne noedeltjes uit elkaar en verdeel de helft ervan over de
gesmolten boter.
Rol het papier op en leg het opzij.
herhaal dit met de rest van de boter en de noedels en druk deze goed
aan.
Rol het papier ditmaal niet op, maar giet er het hete pistachemengsel
over.
Rol de eerste laag weer af en leg die, met de papierkant naar boven, op
het pistachemengsel.
Druk aan met een tweede metalen schaal die u in de eerste zet en leg er
een zwaar gewicht op.
Pers het gebak zo 4-5 uur.
Breng intussen 2 1/2 dl water aan de kook, los er de suiker in op en laat
afkoelen.
Verwarm de oven voor op 250°C.
Neem het gewicht van het zoete mengsel en haal het papier weg.
Bak de baklava 15-20 minuten in de oven tot de bovenkant bruin kleurt.
Laat het 30 minuten afkoelen.
Giet de stroop gelijkmatig over het gebak en dien het op.