Haas met pruimen

1 haas (of een wild konijn)
1 liter Lambiek (Brussels bier)
2 eetlepels wijnazijn
1 ui
1 wortel
1 blaadje laurier
4 jeneverbessen
4 witte peperkorrels
50 gr reuzel
50 gr boter
1 eetlepel bloem
300 gr gedroogde pruimen
peper, zout

Verdeel de haas in stukken en leg die op een grote schotel.
Giet er het bier en de wijnazijn bij (houd de kop, de lever en de
niertjes
apart).
Leg op de stukken haas de gesnipperde ui en de kleingesneden wortel, de
jeneverbessen, de laurier en de peperkorrels en laat 12 uur rustig
marineren.
Haal dan de haas uit de schotel en droog hem zorgvuldig af.
Zeef de marinade en verwarm ze daarna lichtjes.
Smelt de reuzel in een kookpan en laat de stukken haas erin bruinen.
Strooi de bloem erover en roer enkele minuten met een houten lepel.
Kruid met peper en zout.
Giet beetje bij beetje de marinade in de pan en blijf roeren.
Voeg dan de niertjes, de kop en de lever toe en laat alles in 1 uur gaar
worden.
Doe er halverwege de kooktijd de pruimen en de boter bij en meng goed.
Kruid, als de haas gaar is, eventueel nog wat bij.
Dien de haas heel warm in de bereidingspan op met gekookte
aardappelen.
De heel klein gesneden niertjes worden samen met de stukken haas
opgediend.
De kop wordt niet opgegeten.
Als u ervan houdt, kunt u de lever fijnmaken en in de saus verwerken.