Bonen-balsamicosoep

10 gr porcini (of gedroogd eekhoorntjesbrood)
1 zakje fijngesneden soepgroenten (prei, selderij, wortelen)
4 eetlepels olijfolie
1 eetlepel groentebouillon (van tablet)
2 blikjes witte bonen (á 425 ml)
50 gr geraspte Parmezaanse kaas
2 sneetjes witbrood in kleine stukjes
5 verse salieblaadjes
1 gepeld en in schijfjes gesneden knoflookteentje
3 eetlepels balsamicoazijn
versgemalen witte peper, zout

Week de porcini in lauw water.
Verhit 1 eetlepel olijfolie in een pan en fruit de soepgroenten.
Voeg de bouillon toe en breng op smaak met peper en zout.
Voeg 1/2 liter water, de porcini en het weekwater toe en laat 15 minuten
pruttelen.
Voeg de bonen en de Parmezaanse kaas toe en laat nog 15 minuten op het
vuur staan.
Pureer de soep en breng op smaak met peper en zout.
Verhit de rest van de olie, laat de salieblaadjes even bakken, verwijder
ze
uit de pan en laat ze op keukenpapier uitlekken.
Fruit de knoflook in diezelfde olie en haal uit de pan.
Bak nu de croûtons in de olie en breng op smaak met zout.
Dien de soep op met de croûtons en besprenkel met balsamicoazijn.

Porcini (of eekhoorntjesbrood) is de meest gegeten wilde paddestoel in
Italië. U vindt ze vers in de vroege herfst. Een groot deel van de
oogst wordt in plakjes gesneden en gedroogd.