Pizza

Voor het deeg (voor 2 vormen van 24 cm doorsnee):
250 gr bloem
2 theelepels zout
20 gr gist
2 dl water

Zeef de bloem met het zout in een kom en maak in het midden een
kuiltje.
Verwarm het water tot lauwwarm.
Verkruimel de gist in een kommetje en roer er met een beetje lauw water
een glad papje van.
Doe dit in het kuiltje in de bloem.
Roer vanuit het midden het gistmengsel door de bloem; voeg daarbij steeds
een beetje lauw water toe, zodat een stevig deeg ontstaat. Het deeg mag
niet dun zijn, maar moet goed kunnen worden gekneed.
Kneed het deeg 10-15 minuten met de hand of 5 minuten met de deeghaken van
de mixer of keukenmachine tot het soepel en luchtig is.
Leg een doek over de kom en laat het deeg op een warme plaats rijzen tot
het volume is verdubbeld.
Verwarm de oven voor op 200°C en vet 2 vormen of de bakplaat dun met
boter in.
Rol het deeg tot een dunne lap uit en bekleed de vormen of bakplaat
ermee.
Beleg de pizza met één van de volgende vullingen en bak hem
op de tweede
richel van onderaf in 25-30 minuten gaar.