Romeins paasbrood

(± 12 plakken)

1 zakje droge gist (7 gr)
25 gr suiker
325 gr bloem
1 theelepel zout
2 eieren
4 eidooiers
35 gr kwark
1/2 dl rum
1 eetlepel gekneusd anijszaadjes
de geraspte schil van 1 citroen
125 gr zachte boter
150 gr witte chocolade in kleine stukjes
2 theelepels poedersuiker
een ronde ingevette metalen vorm (bijvoorbeeld een pan of timbaal) van 16
cm doorsnee en 15-18 cm hoog

Vermeng de gist met 1 theelepel suiker, 2 eetlepels bloem en ± 4
eetlepels lauwwarm water en laat het mengsel
afgedekt met plasticfolie 10 minuten op een warme plek staan.
Roer in een grote kom de rest van de bloem, de rest van de suiker, het
zout, de eieren en de eidooiers door elkaar tot een dik beslag.
Voeg het gistmengsel toe en roer nog ± 5 minuten flink door.
Roer er dan de kwark, rum, anijs en citroenschil door en leg er de boter,
in 8 stukken verdeeld, op.
Laat het deeg afgedekt met plasticfolie 1 uur op een warme plek rijzen tot
de hoeveelheid deeg is verdubbeld.
Roer met een garde de boter door het deeg tot een glad mengsel en voeg de
chocolade toe.
Bestuif de vorm met bloem, schenk het deeg in de vorm en laat het afgedekt
met een doek nogmaals 1 uur rijzen.
Verwarm de oven voor op 200°C en bak het brood in het midden van de
oven 1 uur en 15 minuten.
Schakel de oven na 15 minuten terug naar 175°C.
Haal het brood uit de vorm, laat het op een rooster afkoelen en bestuif
het met poedersuiker.
Serveer het brood in puntige plakken gesneden met boter (of honingboter).