Tagliatelle met gebakken mosseltjes

4 kg Zeeuwse mosselen
1 grote ui
1 kleine groene selderijknol
1 bosje peterselie
1 dl droge vermout
boter
200 gr tagliatelle (liefst rode)
8 eetlepels bloem
1 dl room
peper, zout

Was de mosselen zorgvuldig.
Pel de ui, maak de selderij schoon en snijd ze in stukken van ± 1
cm.
Was de peterselie, pluk de blaadjes van de stengels en voeg de
stengels
bij de ui- en de selderijsnippers.
Snipper de rest van de peterselie fijn en bewaar dit voor het
garnituur.
Doe de groentesnippers, de mosselen, de vermout en een klontje boter in
een kookpan.
Breng op smaak met peper en zout en dek de pan af.
Schud de mosselen regelmatig om en laat ze op het vuur staan tot alle
mosselen zijn geopend.
Haal ze vervolgens uit de schelp en laat ze op keukenpapier drogen.
Schep ook de groenten uit de pan en laat ze eveneens uitlekken.
Kook de tagliatelle beetgaar in lichtgezouten water met een klontje
boter.
Giet het mosselkookvocht door een zeef en laat dit tot ± 3 dl
inkoken.
Wentel de mosselen en de groentestukjes door de bloem en bak ze krokant in
een klontje boter.
Verdeel de tagliatelle over 4 borden en schep er de gebakken mosseltjes en
groenten op.
Schuim het mosselkookvocht af en voeg er de room aan toe.
Laat nog even inkoken en giet de saus over het gerecht.
Bestrooi tenslotte met wat peterselie.