Kipkroketten I

45 gr boter
45 gr bloem
3 dl kippenbouillon
100 gr gaar, kleingesneden kippenvlees
25 gr fijngehakte gekookte ham zonder vet
Peper, zout
3 gestoofde, kleingesneden champignons
1 ei
Paneermeel

Smelt de boter, voeg de bloem droog toe en schenk er daarna, al roerend,
langzaam de bouillon bij.
Vermeng de saus met het kippenvlees, de ham en de champignons en breng de
ragoût op smaak met peper en zout.
Strijk de ragoût uit op een bord en laat koud worden.
Vorm met 2 lepels 8 kroketten.
Wentel deze door paneermeel en vorm ze op tafel bij.
Haal de kroketten door het losgeklopte ei en rol ze nogmaals door
paneermeel.
Bak de kroketten 3-5 minuten in frituurvet van 180°C.
Laat ze in een vergiet uitlekken en schik ze, op een geplooid servetje, op
een warme vleesschaal.
Leg er een toefje verse peterselie bij, of bak de peterselie in het
frituurvet en knip er boven de kroketten kleine stukjes af.