Lentebouillon met bloemkool en groenteknikkers

2 wortelen
2 courgettes
1 tomaat
1 soepkip
1 kruidenbuiltje (peterselie, tijm en laurier)
1 stukje citroenschil (3 cm lang, 1 cm breed)
1 kleine bloemkool
100 gr erwtjes
enkele kervelplukjes
peper, zout

Maak de wortelen en de courgettes schoon en steek er met een
Parijs
uitsteeklepeltje kleine balletjes uit (bewaar het afval voor
de bouillon).
Pel de tomaat, verwijder de pitten en steek met een
uitsteekvorm van ± 1 1/2 cm diameter rondjes uit het
vruchtvlees (bewaar ook deze resten voor de bouillon).
Leg de soepkip in 2 liter water, kruid met peper en zout en
breng dit aan de kook.
Verwijder zorgvuldig het schuim, voeg er het kruidenbuiltje,
het citroenschilletje en de groenteresten aan toe en laat de
bouillon ± 2 uur zachtjes trekken.
Maak de bloemkool schoon, verdeel hem in 4 bollen ter grootte
van een tennisbal en kook die in licht gezouten water
beetgaar.
Kook ook de groenteballetjes en de erwtjes, apart, in licht
gezouten water beetgaar.
Spoel de groenten onder de koude kraan af.
Giet de bouillon door een zeef, ontvet hem met een stukje
keukenpapier en breng hem opnieuw aan de kook.
Schep wat bouillon in een kookpannetje en verwarm er de
verschillende groenten in.
Schik de bloemkoolbolletjes in het midden van 4 soepborden,
leg er de groenteballetjes, de erwtjes en de tomaatrondjes
omheen en overgiet met de hete bouillon.
Versier tenslotte met enkele plukjes kervel.