Barsjt Ix

(voor ± 2 liter)

10 rode bieten
soepvlees
soepgroente
wat azijn

Schil 3 bieten en snijd ze in plakken van ± 1/2 cm dik.
Leg ze in handwarm water en wel zo, dat ze net onder staan (u heeft maar
een paar dl van dit vocht nodig).
Laat ze 2-3 dagen op een warme plaats staan, voeg er eventueel een
verkruimelde boterham aan toe, om het geheel beter te laten
fermenteren.
De soep moet wat zurig worden, daar heeft u deze 'bietenazijn', de
feitelijke 'barsjt', voor nodig; maar u kunt ook gewone azijn nemen.
Trek na een paar dagen een gewone bouillon, doe daar de soepgroente en een
paar teentjes knoflook bij en laat alles flink trekken.
Kook de overige bieten of bak ze in de oven, maar dan ongeschild.
Laat ze een beetje afkoelen, schil ze en rasp ze dan.
Kook de bieten even mee, laat de soep nog even goed doortrekken en giet
het geheel dan door een zeef.
Maak de soep op smaak met de barsjt, eventueel nog wat azijn, wat suiker,
peper (de soep mag best flink pittig zijn) en eventueel wat zout.
Gebruik het vlees om er 'oesjka' van te maken, 'oortjes'.
Dat zijn deegkussentjes, dus u kunt er een simpel pastadeeg voor
gebruiken, dat u in vierkantjes van een paar cm snijdt.
Leg er dan een klein bergje vlees op, vouw ze schuin dubbel, druk de
kanten op elkaar en vouw dan de scherpe hoeken over elkaar.
Het worden nu, met veel fantasie, een soort hondeoortjes.
Kook die op de normale manier beetgaar.