Boheemse Jachtschotel

In Bohemen (Zuid-West Tsjechië) wordt voortreffelijk bier gebrouwen.
Ons
pilsje heet tenslotte naar de Boheemse stad Pilsen. En op de groene
hellingen van het Bohemer Woud bloeien in de lente de pruimenbomen.
Begrijpelijk dus, dat men in de Boheemse keukens dankbaar gebruik maakt
van zowel het schuimende bier als van de heerlijk zoete gedroogde pruimen
voor kostelijke winterschotels.

500 gr runderlappen, liefst met een randje vet
200 gr gedroogde pruimen
1 fles pilsner bier (300 ml)
1 eetlepel blokjes mager rookspek
50 gr boter
1 ui
1 eetlepel bloem
1 theelepel paprikapoeder
tijm, laurier
peper, (zout)
aardappelpuree

Zet de avond van tevoren de pruimen in de week in water, of nog liever in
koude thee.
Neem ze uit het weekvocht en verwijder de pitten.
Snijd het vlees in dobbelstenen en snipper de ui.
Strooi peper en eventueel zout over het vlees en haal de stukken door
de
bloem.
Smelt de boter en fruit daarin de spekblokjes met de gesnipperde ui en het
paprikapoeder.
Leg het vlees erbij als de ui mooi goudgeel is en laat het aan alle kanten
zachtjes bakken.
Voeg een kopje lauw water toe, roer alles even goed om, giet er dan het
bier bij, laat dit even goed pruttelen en voeg vervolgens tijm en laurier
toe.
Laat dit in een gesloten pan zachtjes een uur sudderen.
Voeg er dan de pruimen bij, en laat alles met elkaar gaar sudderen.
De zoete smaak van de pruimen harmonieert heel goed met de kruidige
biersmaak.
Schep alles in een vuurvaste schotel, strijk er aardappelpuree over uit en
laat er in de oven een korstje op komen.

Variatie:
Gebruik in plaats van bier eens rode wijn.
Probeer eens gedroogde appeltjes in plaats van pruimen.