Hongaarse goulash I

600 gr rundvlees
60 gr boter of reuzel
4 uien
1 groene en 1 rode paprika
1 liter bouillon
1 eetlepel paprikapoeder
1 eetlepel bloem
peper, zout
een snufje tijm
2 teentjes knoflook
1 blikje tomatenpuree
3/4 kg aardappelen
een paar druppels worcestershiresaus

Snijd het rundvlees in dobbelsteentjes en bak het in de boter of reuzel
bruin.
Doe het vlees daarna over in een grote braadpan en bak in de
achtergebleven boter even de in ringen gesneden uien en paprika's.
Voeg dan de ui en paprika aan het vlees toe en zet de braadpan op een laag
pitje.
Roer de paprikapoeder, bloem, peper en zout, tijm en uitgeperste knoflook
goed door het vlees.
Doe daarna geleidelijk de koude bouillon en de tomatenpuree
erbij.
Roer de goulash regelmatig en laat de pan tenminste twee uur pruttelen op
een laag vuurtje.
Voeg dan de geschilde en in vieren gedeelde aardappelen erbij.
Laat deze ook gaar worden en breng dan de goulash op smaak met een paar
druppels worcestershiresaus.

Goulash is de Hongaarse nationale schotel en is in feite een soep. Wat wij
in Nederland en België goulash (vleesstoofpot) noemen, is in
Hongarije pörkölt. Er zijn verschillende varianten van goulash,
bijv. met rundvlees, maar ook met schape- of varkensvlees en zelfs met
vis. Deze laatste is een zeer pikante variant.
Goulash wordt normaal bereid in een grote ketel die men boven een houtvuur
hangt. De bereiding duurt een aantal uren, waarbij men voortdurend in de
soep roert en kokende vleesbouillon of water toevoegt.