Baklava

500 gr kant-en-klaar fyllodeeg
200 gr fijngehakte walnoten
600 gr suiker
1/2 liter water
1 theelepel kaneel

Spreid een lap fyllodeeg uit, verdeel er de met de kaneel vermengde
walnoten over en dek af met een tweede lap fyllodeeg.
Snijd de baklava in vierkantjes of ruiten van gelijke grootte, overgiet ze
met gesmolten boter, bak ze in een hete oven en laat ze afkoelen.
Bereid een siroop van het water en de suiker en laat hem 5 minuten
koken.
Schenk er, voor u de pan van het vuur neemt, het sap van 1/2 citroen bij
en laat de siroop ± 5 minuten afkoelen.
Schenk de siroop dan over de baklava.