Ossenstaartsoep I

1 ossenstaart
een klein stukje mager rookspek
boter
1 flinke ui
enkele worteltjes
2 eetlepels bloem
3 liter water
zout
15 witte en zwarte peperkorrels
2 dl madeira
peterselie, bladselderij, basilicum, rozemarijn, salie,
marjolein
100 gr gare doperwtjes

Laat de ossenstaart door de slager in stukken hakken.
Bak het stukje rookspek langzaam uit en bak in het uitgelopen
spekvet de
stukken ossenstaart bruin.
Bak dan ook even de in schijven gesneden ui en wortelplakjes
mee.
Strooi de bloem erover en laat die al roerend lichtbruin
worden.
Doe er onder goed roeren het water bij en voeg zout en
peperkorrels toe.
Breng de bouillon aan de kook en laat die 4-5 uur trekken.
Als het goed is, dient de bouillon wat geleiachtig te
zijn.
Zeef de bouillon en haal de mooie stukken vlees van de
staart.
Laat in de madeira de gewassen kruiden op een zacht vuur
± 15 minuten
trekken; zeef dit, bak de kruidige madeira met de stukjes
vlees en voeg de
doperwten bij de soep.