Ossenstaartsoep II

(12 personen)

2 of 3 gewassen en 15 minuten in water geweekte
ossenstaarten
1 hamschijf van 750 gr
4 liter water of runderbouillon
zout
4 middelgrote wortelen
2-4 uien
1 bouquet garni
1 bosje selderij
2 koolrapen
6-8 kruidnagels
1/2 theelepel peperkorrels
1 eetlepel arrowroot of rijstebloem
cayennepeper

Doe de ossenstaarten en de hamschijf in een flinke pan, giet
er het water
of de bouillon bij en breng het langzaam aan de kook.
Voeg zout toe en schuim zorgvuldig af tot er geen schuim meer
aan de
oppervlakte komt.
Voeg dan wortel, het bouquet garni, de selderij, koolraap,
kruidnagels en
peperkorrels toe.
Laat de soep 3 uur trekken (3 1/2 uur als het om hele grote
ossenstaarten
gaat).
Neem de staarten uit de pan, zeef het nat en schep er al het
vet af.
Snijd de staarten bij de gewrichten in stukken en zet deze in
2 liter van
het gezeefde nat op het vuur.
Roer er, zodra het begint te koken, de arrowroot in en er
voldoende zout
en cayennepeper in om de soep flink te kruiden.
Dien de soep heet op.

Als u de soep laat trekken tot het vlees van de botten valt,
krijgt u een
bouillon die, afgekoeld, een vrij stevige gelei vormt.
Als u deze gelei zeeft, laat indikken en vervolgens op smaak
brengt met
kruiden, ketchup of wat wijn, krijgt u een soep, die vele
superieur zullen
vinden aan de hierboven beschreven soep.