Gemarineerde lamshaasjes met witlof met kaneel en sinaasappel

1 sjalotje
1 teentje knoflook
1 eetlepel gehakte peterselie
1 eetlepel gehakte tijm
11/2 dl rode wijn
zout en versgemalen peper
8 lamshaasjes
3 eetlepels olie

Voor het witlof:
8 stronkjes witlof
20 gr roomboter
1 grote sinaasappel
kaneel
kardemom

Pel en snipper het sjalotje en de knoflook, meng deze samen
met de peterselie en de tijm door de rode wijn en breng op
smaak met peper.
Leg de schoongemaakte lamshaasjes in een schaal, giet de
marinade erover en laat die 20 minuten intrekken.
Snijd de stronkjes witlof doormidden en haal de harde kern
eruit, maar zorg dat de blaadjes aan de onderkant nog aan
elkaar vastzitten.
Smelt de roomboter in een pan en bak het witlof hierin.
Pers de sinaasappel uit, snijd een stukje schil fijn en doe
het sap en de schil bij het witlof.
Breng op smaak met zout, peper, kaneel en een beetje kardemom
en laat nog even zachtjes door smoren.
Neem de lamshaasjes uit de marinade en dep ze droog.
Verhit de olie in een koekenpan en bak ze in 3-4 minuten
rondom bruin tot ze vanbinnen mooi rosé zijn.
Giet de marinade bij het vlees en laat deze even warm
worden.
Serveer het vlees met het witlof en gebakken aardappeltjes.