Karbonades met appel

(2 personen)

1 stevige appel, bijvoorbeeld Cox Orange
2 ribkarbonades
zout, peper
1 theelepel gemberpoeder
35 gr boter
1/2 eetlepel bruine basterdsuiker
1 dl appelsap
(scheutje calvados)

Schil de appel, verwijder met een appelboor het klokhuis en snijd de appel
in plakken.
Wrijf het vlees in met zout, peper en gemberpoeder.
Verhit 25 gr boter in een koekenpan en bak het vlees in ± 20
minuten gaar.
Keer het af en toe.
Verhit de rest van de boter in een andere koekenpan en bak de schijven
appel in ± 5 minuten lichtbruin, keer ze halverwege.
Neem het vlees uit de pan en voeg de bruine suiker, het appelsap en
eventueel een scheutje calvados toe.
Breng de jus aan de kook en roer de aanbaksels los.
Leg de karbonades op 2 borden en rangschik de plakken appel erop.
Doe de jus in een juskom.
Serveer met aardappelpuree en rode bietjes met gember.