Barbari (Libanees brood)

(voor 4 ovale
broden van 30 cm lang)

30 gr verse gist of 11/4 zakje gedroogde gist
1 theelepel suiker
600 gr meel van harde tarwe (Italiaanse
specialiteitenwinkel)
zout
± 2 eetlepels olijfolie

Meet
31/2 dl handwarm water af.
Los de gist en de suiker in 4 eetlepels warm
water op en zet het 10 minuten op een warme plek weg.
Zeef boven een kom
het meel en 2 theelepels zout, maak een kuiltje in het midden en schenk er
het gistmengsel, de rest van het water en de olijfolie in en meng tot een
samenhangende deegbal ontstaat.
Kneed het deeg met de handen tot
elastisch.
Leg de deegbal in een met olie ingevette kom en besprenkel
hem met enkele druppels water.
Dek de kom af met plasticfolie en laat
het deeg ± 1 uur op warme plek rijzen tot het volume is
verdubbeld.
Kneed het deeg even door en verdeel het in vier stukken.
Bestrijk elk deel met wat olie en rol het uit tot een rechthoek van 15 x 30
cm en 1 cm dik.
Maak in het deeg in de lengte 4 insnijdingen tot op 3 cm
vanaf de rand en leg de broden op met meel bestoven bakplaten.
Bestuif
de broden licht met bloem, dek ze met doeken af en laat ze nogmaals ±
10 minuten op een warme plek rijzen.
Verwarm de oven voor op 225°C
en bak de broden in het midden van de oven in ± 15 minuten
goudbruin.
Laat ze op een rooster afkoelen.