Kabeli pilau (Kip met rijst uit Afghanistan)

(6 personen)

1 3/4 kg in stukken verdeelde kip
2 grote gesnipperde uien
2 theelepels zout
1 3/4 liter heet water
250 gr langkorrelrijst

Voor de saus:
2 middelgrote fijngesneden uien
30 gr boter
1 theelepel gemalen kardemom
1 theelepel gemalen komijn
3 gekookte, in plakjes gesneden wortelen
100 gr rozijnen

Doe de stukken kip, de uien, het zout en het warme water in een grote
pan.
Leg het deksel op de pan en laat het geheel op laag vuur 2 uur trekken (de
kip moet zacht worden, maar toch stevig blijven).
Haal de stukken kip uit de pan en laat ze afkoelen (bewaar de
bouillon).
Haal het vlees van de botten; gebruik voor dit gerecht alleen grote
stukken vlees.
Kook de rijst in water met zout gaar, giet hem af en zet de pan tot
gebruik afgedekt weg.

Saus:
Smelt de boter, fruit de uien daarin lichtbruin en neem de pan van het
vuur.
Voeg de kardemom en de komijn toe en maak er een pasta van.
Voeg ± 1/2 liter van de kippenbouillon toe en laat het 5 minuten
zachtjes koken.
Breng het zo nodig verder met kardemom en komijn op smaak.
Meng de gekookte rijst, de saus en het kippevlees door elkaar en doe het
in een ingevette ovenschaal.
Leg de wortelplakjes erop en strooi er de rozijnen over.
Dek de schaal af en zet het gerecht 35-45 minuten in een matig warme oven
(± 170 °C).
Voeg, als het te droog wordt, bouillon toe.
Schep de wortelen en de rozijnen voorzichtig door de rijst met kip.

De bouillon die u niet in het hoofdgerecht gebruikt, kunt u als soep
vooraf geven.