Krokante rijstflensjes (Hoppers)

(25-30 stuks)

2 1/2 eetlepel gedroogde kokos
2 1/2 dl koud water
250 gr asmati- of patnarijst
1/2 theelepel zuiveringszout
1 afgestreken theelepel zout
30 gr boter

Week de kokos 4 uur in het water. Maal intussen de rijst in een vijzel,
blender of keukenmachine.
Zeef het kokoswater bij de gemalen rijst en voeg dan zout en
zuiveringszout toe. Klop tot een glad beslag en laat dit 12 uur staan,
zodat de gemalen rijst de vloeistof goed kan opnemen.
Klop het beslag zo luchtig mogelijk op. Vet een hete, diepe koekenpan in
met wat boter. Giet er genoeg beslag in om de bodem net te bedekken en
laat al ronddraaiend goed uitlopen. Bak alleen de ene kant zo'n 30
seconden tot het flensje in het midden stevig wordt. Laat dit op een warm
bord glijden. Bak de flensjes zo verder af en vet de pan zo nodig weer in.

Noot: Hoppers zijn fijne rijstflensjes. Traditioneel worden ze gebakken in
een ronde pan of chatty van aardewerk in de hete as van houtskool. Men
giet het beslag in de hete chatty en laat die meteen ronddraaien, zodat
het beslag tegen de gebogen wanden omhoog vliegt en in een fijn
filigrainpatroon stolt. Wie een wok of wadjan bezit, kan ze dus het beste
daarin bakken.