Oestersalade II

12 oesters
12 sint-jacobsschelpen
1 zakje gemengde sla
100 gr gekookte sperziebonen
1 bleekselderijstengel
1 courgette
1 eetlepel witte wijnazijn
5-6 eetlepels olijfolie
versgemalen peper, zout
1/2 glas witte wijn
3 dl groentebouillon (tablet)
1 sjalot

Breng de wijn, de bouillon en de fijngesnipperde sjalot in een brede en
lage pan aan de kook, leg het deksel op de pan en laat 5 minuten
koken.
Open intussen de oesters en giet het vocht bij de kokende bouillon.
Maak de oesters voorzichtig los en kook ze eveneens in de bouillon.
Haal ze er met een schuimspaan weer uit als ze ietwat stevig zijn geworden
(na 1-2 minuten).
Maak ook de sint-jacobsschelpen open, verwijder de ingewanden en kook de
weekdieren in de bouillon tot ze stevig zijn geworden (3-5 minuten).
Giet ze af.
Verdeel de gewassen en gedroogde blaadjes sla op de borden.
Snijd de bonen en selderij in stukjes, verdeel ook die over de borden en
voeg de weekdieren toe.
Snijd de courgette in blokjes en verdeel die over de salade.
Voeg aan de wijnazijn 2 mespuntjes zout toe en klop er met een vork de
olie door tot een vinaigrette is ontstaan.
Breng op smaak met peper en giet de dressing over de salade.