Kaiserschmarrn I

(Luchtige pannenkoek met pruimencompote uit Zwitserland)

1 citroen
100 gr witte basterdsuiker
1 theelepel kaneelpoeder
250 gr gewelde pruimen
75 gr rozijnen
2 eetlepels rum
4 eieren
1/4 liter melk
175 gr bloem
25 gr boter
poedersuiker uit een strooibus

Boen de citroen onder koud stromend water goed schoon, rasp er 2
theelepels schil af en pers de citroen uit.
Breng in een pan 1 dl water met 50 gr basterdsuiker, de geraspte
citroenschil, het citroensap en het kaneelpoeder aan de kook.
Los de suiker al roerend op.
Voeg de pruimen toe en laat ze ± 10 minuten zachtjes koken.
Laat ze daarna afkoelen.
Laat in een kom de rozijnen ± 10 minuten in de rum wellen.
Splits de eieren.
Roer in een kom de eidooiers met 50 gr basterdsuiker en de melk los.
Voeg al roerend de bloem toe en blijf roeren tot een glad beslag
ontstaat.
Klop in een kom de eiwitten stijf en spatel ze luchtig door het
beslag.
Verhit de boter in een koekenpan, schenk het beslag erin en bak het
± 2 minuten.
Strooi dan de rozijnen over het beslag en bak de pannenkoek op middelhoog
vuur tot de bovenkant bijna is gestold.
Laat de pannenkoek op een bord glijden, leg er een ander bord op, keer ze
samen en laat de pannenkoek in de pan terug glijden.
Bak de onderkant in ± 3 minuten goudbruin.
Trek de pannenkoek tijdens het bakken met 2 vorken in stukjes.
Doe ze over op een schaal en strooi er poedersuiker over.
Doe de pruimencompote over in een schaal en geef die er apart bij.