Perentaartjes met vanillecrème

4 plakjes diepvriesbladerdeeg
1 vanillestokje
1 1/4 dl slagroom
2 handperen
1 eetlepel honing
3 eetlepels suiker
2 eieren
2 eetlepels abrikozenjam
kaneel
taartvormpjes
bakpapier

Laat het bladerdeeg ontdooien, leg de plakjes op een met bloem bestoven
aanrecht op elkaar en rol ze uit tot ± 2 mm dikte.
Steek er 4 deegrondjes uit ter grootte van de vormpjes en vul de vormpjes
met het bladerdeeg.
Prik er gaatjes in om bol staan te voorkomen.
Verwarm de oven voor op 190°C en bak de bakjes ± 10 minuten
voor.
Laat ze afkoelen.
Schil de peren en halveer ze.
Maak een suikerstroopje van water, de honing en de suiker.
Breng het aan de kook en pocheer de peren hierin tot ze zacht zijn.
Laat ze in de vloeistof afkoelen.
Breng de room met het opengesneden vanillestokje aan de kook en laat het
± 20 minuten trekken.
Laat afkoelen en verwijder het vanillestokje.
Klop de eieren met 2 eetlepels suiker tot de massa dik en schuimig
wordt.
Voeg de afgekoelde room toe en roer goed door.
Laat de peren uitlekken en snijd ze in waaiervorm.
Verdeel ze over de taartvormpjes, schenk er de vanillecrème over en
bak de taartjes in het midden van de oven goudbruin en gaar.
Laat ze afkoelen.
Verwarm de abrikozenjam even met 1 eetlepel water en geef de taartjes
daarmee glans.
Bestrooi de perentaartjes met een beetje kaneel en presenteer ze op een
mooi bordje.