Sjisj kebab I (Sis kebab)
Het woord sis betekent gewoon stok en daar roosterden de nomaden dan ook
hun vlees aan. Ze gebruikten groen hout, dat geen vlam kon vatten.
Nu zijn het vrijwel overal metalen pennen geworden met een punt aan het
uiteinde. Ze zijn ± 60 cm lang en er worden ± 6 stukken
vlees aan geregen.
Bij dit gerecht is het absoluut noodzakelijk, dat u mooi mals lamsvlees
gebruikt, bij voorkeur van de bout.
Laat dit ontbeende vlees in nette blokken snijden en zet ze liefst de hele
nacht in een marinade van citroensap, olijfolie, uiringen, zout en
peper.
Vet de pennen eerst licht in, rijg er het vlees aan en laat dit bij een zo
hoog mogelijk temperatuur snel aan alle kanten dichtschroeien.
Is het mooi gaar, dus van buiten bruin en van binnen nog net rozig, stroop
de blokken dan snel van de pen, leg ze op een warm bord, bestrooi ze met
zeezout en tijm en dien ze direct op.
Let wel: echte kebab hoort nooit aan de pennen te worden opgediend, al
doen ze het in de Turkse eethuizen doorgaans wel.
Geef er een simpele tomatensalade en een stevig stuk brood bij.