Artisjokbodems met mosselen uit Yerseke
4 artisjokken
het sap van 1 citroen
1 kopje azijn
2 eetlepels bloem
zout
2 tomaten
1 prei
1 kg mosselen
1 grote ui
boter
2 dl witte wijn
het groen van 1 tak selderij
peper
tijm, laurier
2 dl room
enkele saffraandraadjes
120 gr gepelde garnalen
enkele takjes kervel
Maak de artisjokken met een scherp mes schoon, zodat alleen de bodems
overblijven en bestrijk die met citroensap om verkleuring tegen te
gaan.
Houd enkele blaadjes apart voor het garnituur.
Breng een ruime hoeveelheid water aan de kook, meng de azijn met de bloem
tot een papje bij het kokende water, klop dit goed los en kruid met
zout.
Kook de bodems in deze blanc gaar.
Verwijder het hooi met een lepel (of met de vingers) en houd ze in het
kookvocht warm.
Dompel de tomaten 10-15 seconden in kokend water, verfris ze en pel
ze.
Snijd ze in vieren, verwijder de zaadjes, snijd de kwarten nogmaals in
tweeën en maak er nog een inkeping in.
Snijd de prei (met het pastelgroene gedeelte) in juliënne.
Fruit de grofgesneden ui in wat boter, doe er de witte wijn bij en laat
3-4 minuten doorkoken.
Voeg de mosselen en de selderij toe en kruid met flink wat peper, tijm en
laurier maar gebruik zeker geen zout.
Sluit de pan, kook de mosselen gaar en schud ze nu en dan even op.
Haal de mosselen uit de schelp, ontbaard ze eventueel en houd ze warm.
Zeef het mosselvocht door een gaasdoek en laat het inkoken.
Doe er de room en de saffraan bij en laat tot sausdikte inkoken.
Werk de saus op met boter en breng op smaak.
Stoof de prei in wat boter gaar.
Bedek de artisjokbodems met de prei en leg er de mosselen en de garnalen
op.
Leg ze op de borden en versier met de artisjokblaadjes en de
tomaatpartjes.
Giet er de saus omheen.
Werk het bord verder af met een takje kervel.
Tip: u kunt artisjokbodems ook kant-en-klaar kopen in blik.