Makreelkroketjes met paprikasaus
(2 personen)
200 gr aardappelen
zout
1 rode paprika
200 gr gerookte makreelfilet
1 kleine ui
1 teentje knoflook
1 ei
zout, peper
paneermeel
2 eetlepels crème fraîche
1/4 theelepel scherpe paprikapoeder
1 takje peterselie
frituurvet/-olie
Schil de aardappelen, snijd ze in kleine stukjes en kook ze in weinig
water met zout in ± 15 minuten gaar.
Maak de paprika schoon, snijd hem in stukjes en kook die in weinig water
met zout in ± 10 minuten gaar.
Haal het visvlees van de makreel.
Pel de ui en snipper hem heel fijn.
Giet de aardappelen en de paprika af.
Prak de aardappelen fijn en vermeng ze met het visvlees, de ui, de
uitgeperste knoflook, het ei, zout en peper.
Vorm ± 12 ovale kroketjes van het mengsel en wentel die door het
paneermeel.
Pureer de paprika in een keukenmachine of wrijf ze door een zeef, roer er
de crème fraîche en het paprikapoeder door en breng de saus
op smaak met zout en peper.
Knip de peterselie erboven fijn.
Verhit het frituurvet tot 180 °C en frituur de kroketjes in ± 3
minuten rondom bruin.
Geef de saus er apart bij.